Verschillende media besteden deze week aandacht aan vermindering van suiker in frisdranken in Groot-Brittannië. Dit zou toe te schrijven zijn aan de daar begin april ingevoerde belasting op basis van het suikergehalte in frisdranken. In het verlengde van dit soort berichtgeving wordt ook wel beweerd dat de industrie in Nederland uit eigen beweging geen of niet genoeg stappen zou zetten. De reductie die hier al volop gaande is wordt daarmee onterecht ter zijde geschoven.

In 2015 hebben de bij FWS aangesloten frisdrankproducenten in het kader van het Akkoord Verbetering Productsamenstelling het commitment afgegeven om in 2020 10% calorieën te verminderen. Vorig jaar nog hebben de producenten dit uit eigen beweging verhoogd naar 15%. Concreet wordt hier invulling aan gegeven door middel van nieuwe introducties, herformulering, kleinere verpakkingen en promotie.

Als de reductie beperkt blijft tot de aangekondigde 15% betekent dit dat alleen al de bij het commitment aangesloten producenten van A-merken meer dan 20.000 ton suiker zullen reduceren. Dit is exclusief ontwikkelingen in huismerken. De reductie in Groot-Brittannië is naar verluidt 30.000 tot 45.000 ton voor de gehele markt. Omgerekend naar Nederlandse inwonertallen is dit 7.700 tot 11.500 ton. De reductie is in Nederland dus 2 keer zo groot! Verwacht wordt dat de calorie-reductie in Nederland zich door de combinatie van veranderende vraag van consumenten en innovaties vanuit de producenten ook na 2020 zal doorzetten.

De Nederlandse aanpak leidt dus tot een positievere trend als nu in Groot-Brittannië zichtbaar wordt. Voor de pleitbezorgers van extra belastingen is het overigens goed om te weten dat op frisdranken al een extra taks wordt geheven in de vorm van de verbruiksbelasting. Deze is bovendien ook al meerdere malen fors verhoogd, ten behoeve van algemene middelen op de Rijksbegroting.

Naast het genoemde commitment worden voor specifieke doelgroepen extra stappen gezet, zoals het vorig jaar aangekondigde commitment om op middelbare scholen geen traditionele, suikerhoudende frisdranken meer te verkopen. Op basisscholen werden al geen frisdranken verkocht.

FWS is er voorstander van om de in Nederland al langer succesvol ingezette koers voort te zetten. Uitdagingen zijn er nog zeker. Zo is het belangrijk om mispercepties rond het gebruik van zoetstoffen gezamenlijk te lijf te gaan. En vooral ook om het eigenlijke doel voor ogen te blijven houden: het voorkomen en tegengaan van overgewicht als gevolg van teveel calorie-inname en te weinig beweging. Dit vereist een integrale aanpak, waar nodig gericht op specifieke doelgroepen.